Tabel met technische gegevens voor RXYCQ-A

RXYCQ8A7Y1B RXYCQ10A7Y1B RXYCQ12A7Y1B RXYCQ14A7Y1B RXYCQ16A7Y1B RXYCQ18A7Y1B RXYCQ20A7Y1B
Capaciteitsbereik PK 8 10 12 14 16 18 20
Maximaal aantal aansluitbare binnendelen 64 64 64 64 64 64 64
Capaciteitsindex Min.   100 125 150 175 200 225 250
  Nom.   200 250 300 350 400 450 500
  Max.   200 250 360 420 480 540 600
Afmetingen Unit H mm 1,680 1,680 1,680 1,680 1,680 1,680 1,680
    B mm 635 930 930 930 1,240 1,240 1,240
    D mm 765 765 765 765 765 765 765
Gewicht Unit kg 159 187 240 240 316 316 324
Fan Externe statische druk Max. Pa 78 78 78 78 78 78 78
Compressor Compressor-=-Type   Hermetisch gesloten scrollcompressor Hermetisch gesloten scrollcompressor Hermetisch gesloten scrollcompressor Hermetisch gesloten scrollcompressor Hermetisch gesloten scrollcompressor Hermetisch gesloten scrollcompressor Hermetisch gesloten scrollcompressor
Geluidsvermogenniveau Koelen Nom. dB(A) 78 81 81 81 86 86 88
Geluidsdrukniveau op 1 m Koelen Nom. dB(A) 58 59 61 61 64 65 66
Koudemiddel Type   R-410A R-410A R-410A R-410A R-410A R-410A R-410A
  GWP   2,087.5 2,087.5 2,087.5 2,087.5 2,087.5 2,087.5 2,087.5
  Inhoud kg 6.2 7.7 8.4 8.6 11.3 11.5 11.7
  Vulling tCO2eq 12.9 16.1 17.5 18 23.6 24 24.4
Koelleidingmaten Liquid Type   Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding
    mm 9.52 9.52 9.52 12.7 12.7 12.7 15.9
  Gas Type   Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding Hardsoldeerverbinding
    mm 15.9 19.1 22.2 28.6 28.6 28.6 28.6
  Totale leidinglengte Systeem Werkelijk m 300 300 300 300 300 300 300
  Hoogteverschil OU - IU Buitendeel op de hoogste positie m 30 30 30 30 30 30 30
    IU - IU Max. m 15 15 15 15 15 15 15
  Thermische isolatie   Zowel vloeistof- als gasleidingen Zowel vloeistof- als gasleidingen Zowel vloeistof- als gasleidingen Zowel vloeistof- als gasleidingen Zowel vloeistof- als gasleidingen Zowel vloeistof- als gasleidingen Zowel vloeistof- als gasleidingen
Standaard-accessoires Montagehandleiding 1 1 1 1 1 1 1
  Bedieningshandleiding 1 1 1 1 1 1 1
  Aansluitleidingen 4 4 4 4 4 4 4
Spanningsvorm Naam   Y1 Y1 Y1 Y1 Y1 Y1 Y1
  Fase   3N~ 3N~ 3N~ 3N~ 3N~ 3N~ 3N~
  Frequentie Hz 50 50 50 50 50 50 50
  Spanning V 380-415 380-415 380-415 380-415 380-415 380-415 380-415
Opmerkingen (1) - Koelen: binnentemp. 27°CDB, 19°CNB; buitentemp. 35°CDB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (1) - Koelen: binnentemp. 27°CDB, 19°CNB; buitentemp. 35°CDB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (1) - Koelen: binnentemp. 27°CDB, 19°CNB; buitentemp. 35°CDB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (1) - Koelen: binnentemp. 27°CDB, 19°CNB; buitentemp. 35°CDB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (1) - Koelen: binnentemp. 27°CDB, 19°CNB; buitentemp. 35°CDB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (1) - Koelen: binnentemp. 27°CDB, 19°CNB; buitentemp. 35°CDB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (1) - Koelen: binnentemp. 27°CDB, 19°CNB; buitentemp. 35°CDB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog.
  (2) - Verwarmen: binnentemp. 20°CDB; buitentemp. 7°CDB, 6°CNB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (2) - Verwarmen: binnentemp. 20°CDB; buitentemp. 7°CDB, 6°CNB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (2) - Verwarmen: binnentemp. 20°CDB; buitentemp. 7°CDB, 6°CNB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (2) - Verwarmen: binnentemp. 20°CDB; buitentemp. 7°CDB, 6°CNB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (2) - Verwarmen: binnentemp. 20°CDB; buitentemp. 7°CDB, 6°CNB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (2) - Verwarmen: binnentemp. 20°CDB; buitentemp. 7°CDB, 6°CNB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog. (2) - Verwarmen: binnentemp. 20°CDB; buitentemp. 7°CDB, 6°CNB; equivalente koelmiddelleidinglengte: 5m; hoogteverschil: 0m; ventilatorsnelheid binnenunit: hoog.
  (3) - Het reële aantal aansluitbare binnenunits hangt af van het type binnenunit en van de maximale aansluitverhouding voor het systeem (50% ≤ CR ≤ 120%) (3) - Het reële aantal aansluitbare binnenunits hangt af van het type binnenunit en van de maximale aansluitverhouding voor het systeem (50% ≤ CR ≤ 120%) (3) - Het reële aantal aansluitbare binnenunits hangt af van het type binnenunit en van de maximale aansluitverhouding voor het systeem (50% ≤ CR ≤ 120%) (3) - Het reële aantal aansluitbare binnenunits hangt af van het type binnenunit en van de maximale aansluitverhouding voor het systeem (50% ≤ CR ≤ 120%) (3) - Het reële aantal aansluitbare binnenunits hangt af van het type binnenunit en van de maximale aansluitverhouding voor het systeem (50% ≤ CR ≤ 120%) (3) - Het reële aantal aansluitbare binnenunits hangt af van het type binnenunit en van de maximale aansluitverhouding voor het systeem (50% ≤ CR ≤ 120%) (3) - Het reële aantal aansluitbare binnenunits hangt af van het type binnenunit en van de maximale aansluitverhouding voor het systeem (50% ≤ CR ≤ 120%)
  (4) - Het maximumaantal voor RXYCQ8A7Y1B en RXYCQ10A7Y1B is respectievelijk 240 en 300, als geen FXFQ20/25-binnenunits in het systeem worden gebruikt. (4) - Het maximumaantal voor RXYCQ8A7Y1B en RXYCQ10A7Y1B is respectievelijk 240 en 300, als geen FXFQ20/25-binnenunits in het systeem worden gebruikt. (4) - Het maximumaantal voor RXYCQ8A7Y1B en RXYCQ10A7Y1B is respectievelijk 240 en 300, als geen FXFQ20/25-binnenunits in het systeem worden gebruikt. (4) - Het maximumaantal voor RXYCQ8A7Y1B en RXYCQ10A7Y1B is respectievelijk 240 en 300, als geen FXFQ20/25-binnenunits in het systeem worden gebruikt. (4) - Het maximumaantal voor RXYCQ8A7Y1B en RXYCQ10A7Y1B is respectievelijk 240 en 300, als geen FXFQ20/25-binnenunits in het systeem worden gebruikt. (4) - Het maximumaantal voor RXYCQ8A7Y1B en RXYCQ10A7Y1B is respectievelijk 240 en 300, als geen FXFQ20/25-binnenunits in het systeem worden gebruikt. (4) - Het maximumaantal voor RXYCQ8A7Y1B en RXYCQ10A7Y1B is respectievelijk 240 en 300, als geen FXFQ20/25-binnenunits in het systeem worden gebruikt.
  (5) - Het geluidsvermogenniveau is een absolute waarde die door een geluidsbron wordt opgewekt. (5) - Het geluidsvermogenniveau is een absolute waarde die door een geluidsbron wordt opgewekt. (5) - Het geluidsvermogenniveau is een absolute waarde die door een geluidsbron wordt opgewekt. (5) - Het geluidsvermogenniveau is een absolute waarde die door een geluidsbron wordt opgewekt. (5) - Het geluidsvermogenniveau is een absolute waarde die door een geluidsbron wordt opgewekt. (5) - Het geluidsvermogenniveau is een absolute waarde die door een geluidsbron wordt opgewekt. (5) - Het geluidsvermogenniveau is een absolute waarde die door een geluidsbron wordt opgewekt.
  (6) - Het geluidsdrukniveau is een relatieve waarde, die afhankelijk is van de afstand en de akoestische omgeving. Zie de geluidsniveautekeningen voor meer bijzonderheden. (6) - Het geluidsdrukniveau is een relatieve waarde, die afhankelijk is van de afstand en de akoestische omgeving. Zie de geluidsniveautekeningen voor meer bijzonderheden. (6) - Het geluidsdrukniveau is een relatieve waarde, die afhankelijk is van de afstand en de akoestische omgeving. Zie de geluidsniveautekeningen voor meer bijzonderheden. (6) - Het geluidsdrukniveau is een relatieve waarde, die afhankelijk is van de afstand en de akoestische omgeving. Zie de geluidsniveautekeningen voor meer bijzonderheden. (6) - Het geluidsdrukniveau is een relatieve waarde, die afhankelijk is van de afstand en de akoestische omgeving. Zie de geluidsniveautekeningen voor meer bijzonderheden. (6) - Het geluidsdrukniveau is een relatieve waarde, die afhankelijk is van de afstand en de akoestische omgeving. Zie de geluidsniveautekeningen voor meer bijzonderheden. (6) - Het geluidsdrukniveau is een relatieve waarde, die afhankelijk is van de afstand en de akoestische omgeving. Zie de geluidsniveautekeningen voor meer bijzonderheden.
  (7) - De geluidswaarden worden in een semi-echoloze ruimte gemeten. (7) - De geluidswaarden worden in een semi-echoloze ruimte gemeten. (7) - De geluidswaarden worden in een semi-echoloze ruimte gemeten. (7) - De geluidswaarden worden in een semi-echoloze ruimte gemeten. (7) - De geluidswaarden worden in een semi-echoloze ruimte gemeten. (7) - De geluidswaarden worden in een semi-echoloze ruimte gemeten. (7) - De geluidswaarden worden in een semi-echoloze ruimte gemeten.
  (8) - Zie 'Selectie van koelmiddelleiding' of montagehandleiding (8) - Zie 'Selectie van koelmiddelleiding' of montagehandleiding (8) - Zie 'Selectie van koelmiddelleiding' of montagehandleiding (8) - Zie 'Selectie van koelmiddelleiding' of montagehandleiding (8) - Zie 'Selectie van koelmiddelleiding' of montagehandleiding (8) - Zie 'Selectie van koelmiddelleiding' of montagehandleiding (8) - Zie 'Selectie van koelmiddelleiding' of montagehandleiding
  (9) - Meer details over standaardaccessoires vindt u in de installatiehandleiding. (9) - Meer details over standaardaccessoires vindt u in de installatiehandleiding. (9) - Meer details over standaardaccessoires vindt u in de installatiehandleiding. (9) - Meer details over standaardaccessoires vindt u in de installatiehandleiding. (9) - Meer details over standaardaccessoires vindt u in de installatiehandleiding. (9) - Meer details over standaardaccessoires vindt u in de installatiehandleiding. (9) - Meer details over standaardaccessoires vindt u in de installatiehandleiding.
  (10) - RLA is gebaseerd op nominale voorwaarden (10) - RLA is gebaseerd op nominale voorwaarden (10) - RLA is gebaseerd op nominale voorwaarden (10) - RLA is gebaseerd op nominale voorwaarden (10) - RLA is gebaseerd op nominale voorwaarden (10) - RLA is gebaseerd op nominale voorwaarden (10) - RLA is gebaseerd op nominale voorwaarden
  (11) - MSC is de maximumstroom tijdens de aanloop van de compressor (11) - MSC is de maximumstroom tijdens de aanloop van de compressor (11) - MSC is de maximumstroom tijdens de aanloop van de compressor (11) - MSC is de maximumstroom tijdens de aanloop van de compressor (11) - MSC is de maximumstroom tijdens de aanloop van de compressor (11) - MSC is de maximumstroom tijdens de aanloop van de compressor (11) - MSC is de maximumstroom tijdens de aanloop van de compressor
  (12) - MCA moet worden gebruikt om draden van de juiste diameter te kiezen. De MCA kan worden beschouwd als de maximale bedrijfsstroom. (12) - MCA moet worden gebruikt om draden van de juiste diameter te kiezen. De MCA kan worden beschouwd als de maximale bedrijfsstroom. (12) - MCA moet worden gebruikt om draden van de juiste diameter te kiezen. De MCA kan worden beschouwd als de maximale bedrijfsstroom. (12) - MCA moet worden gebruikt om draden van de juiste diameter te kiezen. De MCA kan worden beschouwd als de maximale bedrijfsstroom. (12) - MCA moet worden gebruikt om draden van de juiste diameter te kiezen. De MCA kan worden beschouwd als de maximale bedrijfsstroom. (12) - MCA moet worden gebruikt om draden van de juiste diameter te kiezen. De MCA kan worden beschouwd als de maximale bedrijfsstroom. (12) - MCA moet worden gebruikt om draden van de juiste diameter te kiezen. De MCA kan worden beschouwd als de maximale bedrijfsstroom.
  (13) - MFA wordt gebruikt voor de selectie van de stroomonderbreker en de aardingsschakelaar (aardlekschakelaar). (13) - MFA wordt gebruikt voor de selectie van de stroomonderbreker en de aardingsschakelaar (aardlekschakelaar). (13) - MFA wordt gebruikt voor de selectie van de stroomonderbreker en de aardingsschakelaar (aardlekschakelaar). (13) - MFA wordt gebruikt voor de selectie van de stroomonderbreker en de aardingsschakelaar (aardlekschakelaar). (13) - MFA wordt gebruikt voor de selectie van de stroomonderbreker en de aardingsschakelaar (aardlekschakelaar). (13) - MFA wordt gebruikt voor de selectie van de stroomonderbreker en de aardingsschakelaar (aardlekschakelaar). (13) - MFA wordt gebruikt voor de selectie van de stroomonderbreker en de aardingsschakelaar (aardlekschakelaar).
  (14) - TOCA geeft de totale waarde weer van elke overbelastingsinstelling. (14) - TOCA geeft de totale waarde weer van elke overbelastingsinstelling. (14) - TOCA geeft de totale waarde weer van elke overbelastingsinstelling. (14) - TOCA geeft de totale waarde weer van elke overbelastingsinstelling. (14) - TOCA geeft de totale waarde weer van elke overbelastingsinstelling. (14) - TOCA geeft de totale waarde weer van elke overbelastingsinstelling. (14) - TOCA geeft de totale waarde weer van elke overbelastingsinstelling.
  (15) - FLA betekent de nominale bedrijfsstroom van de ventilator. (15) - FLA betekent de nominale bedrijfsstroom van de ventilator. (15) - FLA betekent de nominale bedrijfsstroom van de ventilator. (15) - FLA betekent de nominale bedrijfsstroom van de ventilator. (15) - FLA betekent de nominale bedrijfsstroom van de ventilator. (15) - FLA betekent de nominale bedrijfsstroom van de ventilator. (15) - FLA betekent de nominale bedrijfsstroom van de ventilator.
  (16) - Spanningsbereik: de units zijn geschikt voor gebruik in elektrische systemen waar de spanning die over de aansluitklem van de unit wordt aangelegd binnen het opgegeven bereik ligt. (16) - Spanningsbereik: de units zijn geschikt voor gebruik in elektrische systemen waar de spanning die over de aansluitklem van de unit wordt aangelegd binnen het opgegeven bereik ligt. (16) - Spanningsbereik: de units zijn geschikt voor gebruik in elektrische systemen waar de spanning die over de aansluitklem van de unit wordt aangelegd binnen het opgegeven bereik ligt. (16) - Spanningsbereik: de units zijn geschikt voor gebruik in elektrische systemen waar de spanning die over de aansluitklem van de unit wordt aangelegd binnen het opgegeven bereik ligt. (16) - Spanningsbereik: de units zijn geschikt voor gebruik in elektrische systemen waar de spanning die over de aansluitklem van de unit wordt aangelegd binnen het opgegeven bereik ligt. (16) - Spanningsbereik: de units zijn geschikt voor gebruik in elektrische systemen waar de spanning die over de aansluitklem van de unit wordt aangelegd binnen het opgegeven bereik ligt. (16) - Spanningsbereik: de units zijn geschikt voor gebruik in elektrische systemen waar de spanning die over de aansluitklem van de unit wordt aangelegd binnen het opgegeven bereik ligt.
  (17) - De maximaal toegestane spanningsafwijking tussen de fasen bedraagt 2%. (17) - De maximaal toegestane spanningsafwijking tussen de fasen bedraagt 2%. (17) - De maximaal toegestane spanningsafwijking tussen de fasen bedraagt 2%. (17) - De maximaal toegestane spanningsafwijking tussen de fasen bedraagt 2%. (17) - De maximaal toegestane spanningsafwijking tussen de fasen bedraagt 2%. (17) - De maximaal toegestane spanningsafwijking tussen de fasen bedraagt 2%. (17) - De maximaal toegestane spanningsafwijking tussen de fasen bedraagt 2%.
  (17) - Bevat gefluoreerde broeikasgassen (17) - Bevat gefluoreerde broeikasgassen (17) - Bevat gefluoreerde broeikasgassen (17) - Bevat gefluoreerde broeikasgassen (17) - Bevat gefluoreerde broeikasgassen (17) - Bevat gefluoreerde broeikasgassen (17) - Bevat gefluoreerde broeikasgassen
  (18) - In overeenstemming met EN/IEC 61000-3-11(1), respectievelijk EN/IEC 61000-3-12(2), kan het nodig zijn contact op te nemen met de distributienetwerkbeheerder, om te verzekeren dat de apparatuur is aangesloten op een voeding met Zsys ≤ Zmax, respectievelijk Ssc ≥ minimum Ssc waarde. (18) - In overeenstemming met EN/IEC 61000-3-11(1), respectievelijk EN/IEC 61000-3-12(2), kan het nodig zijn contact op te nemen met de distributienetwerkbeheerder, om te verzekeren dat de apparatuur is aangesloten op een voeding met Zsys ≤ Zmax, respectievelijk Ssc ≥ minimum Ssc waarde. (18) - In overeenstemming met EN/IEC 61000-3-11(1), respectievelijk EN/IEC 61000-3-12(2), kan het nodig zijn contact op te nemen met de distributienetwerkbeheerder, om te verzekeren dat de apparatuur is aangesloten op een voeding met Zsys ≤ Zmax, respectievelijk Ssc ≥ minimum Ssc waarde. (18) - In overeenstemming met EN/IEC 61000-3-11(1), respectievelijk EN/IEC 61000-3-12(2), kan het nodig zijn contact op te nemen met de distributienetwerkbeheerder, om te verzekeren dat de apparatuur is aangesloten op een voeding met Zsys ≤ Zmax, respectievelijk Ssc ≥ minimum Ssc waarde. (18) - In overeenstemming met EN/IEC 61000-3-11(1), respectievelijk EN/IEC 61000-3-12(2), kan het nodig zijn contact op te nemen met de distributienetwerkbeheerder, om te verzekeren dat de apparatuur is aangesloten op een voeding met Zsys ≤ Zmax, respectievelijk Ssc ≥ minimum Ssc waarde. (18) - In overeenstemming met EN/IEC 61000-3-11(1), respectievelijk EN/IEC 61000-3-12(2), kan het nodig zijn contact op te nemen met de distributienetwerkbeheerder, om te verzekeren dat de apparatuur is aangesloten op een voeding met Zsys ≤ Zmax, respectievelijk Ssc ≥ minimum Ssc waarde. (18) - In overeenstemming met EN/IEC 61000-3-11(1), respectievelijk EN/IEC 61000-3-12(2), kan het nodig zijn contact op te nemen met de distributienetwerkbeheerder, om te verzekeren dat de apparatuur is aangesloten op een voeding met Zsys ≤ Zmax, respectievelijk Ssc ≥ minimum Ssc waarde.
  (19) - EN/IEC 61000-3-11: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor spanningswissels, spanningsschommelingen en flicker in openbare laagspanningsnetten voor apparatuur met een nominale ≤ 75A (19) - EN/IEC 61000-3-11: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor spanningswissels, spanningsschommelingen en flicker in openbare laagspanningsnetten voor apparatuur met een nominale ≤ 75A (19) - EN/IEC 61000-3-11: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor spanningswissels, spanningsschommelingen en flicker in openbare laagspanningsnetten voor apparatuur met een nominale ≤ 75A (19) - EN/IEC 61000-3-11: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor spanningswissels, spanningsschommelingen en flicker in openbare laagspanningsnetten voor apparatuur met een nominale ≤ 75A (19) - EN/IEC 61000-3-11: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor spanningswissels, spanningsschommelingen en flicker in openbare laagspanningsnetten voor apparatuur met een nominale ≤ 75A (19) - EN/IEC 61000-3-11: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor spanningswissels, spanningsschommelingen en flicker in openbare laagspanningsnetten voor apparatuur met een nominale ≤ 75A (19) - EN/IEC 61000-3-11: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor spanningswissels, spanningsschommelingen en flicker in openbare laagspanningsnetten voor apparatuur met een nominale ≤ 75A
  (20) - EN/IEC 61000-3-12: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor harmonische stromen, gegenereerd door apparatuur die wordt aangesloten op een openbaar laagspanningssysteem met ingangsstroom > 16A and ≤ 75A per fase (20) - EN/IEC 61000-3-12: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor harmonische stromen, gegenereerd door apparatuur die wordt aangesloten op een openbaar laagspanningssysteem met ingangsstroom > 16A and ≤ 75A per fase (20) - EN/IEC 61000-3-12: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor harmonische stromen, gegenereerd door apparatuur die wordt aangesloten op een openbaar laagspanningssysteem met ingangsstroom > 16A and ≤ 75A per fase (20) - EN/IEC 61000-3-12: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor harmonische stromen, gegenereerd door apparatuur die wordt aangesloten op een openbaar laagspanningssysteem met ingangsstroom > 16A and ≤ 75A per fase (20) - EN/IEC 61000-3-12: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor harmonische stromen, gegenereerd door apparatuur die wordt aangesloten op een openbaar laagspanningssysteem met ingangsstroom > 16A and ≤ 75A per fase (20) - EN/IEC 61000-3-12: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor harmonische stromen, gegenereerd door apparatuur die wordt aangesloten op een openbaar laagspanningssysteem met ingangsstroom > 16A and ≤ 75A per fase (20) - EN/IEC 61000-3-12: Europese/internationale technische norm die de grenswaarden bepaalt voor harmonische stromen, gegenereerd door apparatuur die wordt aangesloten op een openbaar laagspanningssysteem met ingangsstroom > 16A and ≤ 75A per fase
  (21) - Kortsluitvermogen (21) - Kortsluitvermogen (21) - Kortsluitvermogen (21) - Kortsluitvermogen (21) - Kortsluitvermogen (21) - Kortsluitvermogen (21) - Kortsluitvermogen
  (22) - Systeemimpedantie (22) - Systeemimpedantie (22) - Systeemimpedantie (22) - Systeemimpedantie (22) - Systeemimpedantie (22) - Systeemimpedantie (22) - Systeemimpedantie
  (23) - Voor RXYCQ8 en RXYCQ10 MSC ≤ MCA (23) - Voor RXYCQ8 en RXYCQ10 MSC ≤ MCA (23) - Voor RXYCQ8 en RXYCQ10 MSC ≤ MCA (23) - Voor RXYCQ8 en RXYCQ10 MSC ≤ MCA (23) - Voor RXYCQ8 en RXYCQ10 MSC ≤ MCA (23) - Voor RXYCQ8 en RXYCQ10 MSC ≤ MCA (23) - Voor RXYCQ8 en RXYCQ10 MSC ≤ MCA